FNV sommeert Uber

Rechtszaak tegen Uber in Nederland 29 juni van start

De Nederlandse vakbond FNV spande afgelopen december een rechtszaak aan tegen Uber, om af te dwingen dat het bedrijf de cao Taxivervoer gaat naleven. Nu is bekend gemaakt dat de eerste zitting op 29 juni zal plaatsvinden. Hoewel de rechtszaak naar verwachting een lange adem vereist, stelt de vakbond er vol overgave in te gaan.  

In de aanwezigheid van ongeveer een dozijn ontevreden Uber-chauffeurs overhandigde vakbond FNV in december vorig jaar een dagvaarding aan Uber. De taxidienst werkt volgens de vakbond al jarenlang met een schijnconstructie, waarbij het taxichauffeurs voor zich laat werken als zelfstandigen terwijl zij in werkelijkheid werknemers zijn. Ook in België loopt een zaak tegen de juridische status van chauffeurs. 

Amrit Sewgobind, FNV-bestuurder Flex en Naleving, stelt dat het doel van de rechtszaak is dat Uber zich richting de chauffeurs niet alleen gedraagt als werkgever, maar hen ook zal betalen volgens de cao. Daarnaast moeten ze volgens de bestuurder de bijbehorende werknemersrechten ten aanzien van de chauffeurs respecteren. 

Uber stelde toentertijd teleurgesteld te zijn in de stap van de FNV, en was liever eerst in gesprek gegaan met de bond. Sewgobind meent echter dat Uber wel de indruk wekt dat ze willen praten, maar dat het niet mag gaan over de eisen. “Ze blijven bij hun standpunt, en er moet wel iets zijn om over te praten. Wij reageerden daarom dat als dit hun reactie is, we naar de rechter zouden stappen. Dat hebben we toen ook gedaan.” 

In VK al meer rechten

Met de uitspraak van het Britse Hooggerechtshof in februari werd duidelijk dat Uber-chauffeurs in het Verenigd Koninkrijk al meer rechten zouden krijgen. Zij worden voortaan als ‘workers’ bestempeld, een categorie tussen zelfstandige en werknemer in. Ze hebben daarom recht op vakantiegeld, pensioen en een wettelijk minimumloon. “Dat is een enorm positieve ontwikkeling, omdat Uber daar de grootste markt heeft van heel Europa”, meent de FNV-bestuurder.

Toch hoopt de vakbond dat de rechtszaak in Nederland niet eenzelfde uitkomst zal hebben. Sewgobind rekent hier niet op, omdat werk dat valt onder de Taxi-cao in Nederland niet met het minimumloon betaald kan worden. “Als de rechter het met ons eens is dat de chauffeurs werknemers zijn, vallen ze ook wat betreft het loon onder de cao.” 

Volgens de bestuurder worden wachttijden in het Verenigd Koninkrijk ook niet uitbetaald, terwijl de rechter duidelijk heeft aangegeven dat alle tijd die een chauffeur beschikbaar is voor Uber, werktijd is. In Nederland moet er volgens hem daarom duidelijk gekozen worden: “Of je gaat mensen behandelen als echte zelfstandigen, of je geeft ze de rechten die werknemers hebben en het cao-loon dat daarbij hoort. Niets daar tussenin.” 

Lange adem vereist

De FNV-bestuurder is blij dat de rechtszaak straks van start gaat, maar verwacht wel dat een einduitspraak nog ver weg is. “Ook in Engeland heeft het vier à vijf jaar geduurd. In alle landen waar er geprocedeerd is, gaat de zaak tot de hoogste rechter.” Ook is zijn prognose dat als Uber de zaak verliest, ze naar het Europese Hof zullen stappen. “Ik denk dat ze tot het uiterste gaan om hun verdienmodel, of in onze ogen uitbuitingsmodel, overeind te houden.” 

Toch geeft Sewgobind aan dat de vakbond het over heeft voor de chauffeurs die het volgens hem enorm slecht hebben. “Uber laat hen ook in de coronacrisis aan hun lot over”. Hij hoopt daarbij dat de taxichauffeurs de zitting mogen bijwonen. “Het is enorm belangrijk dat de chauffeurs die wij gesproken hebben, de rechtszaak ook zelf kunnen meemaken.” Wegens corona is het echter nog niet duidelijk in welke vorm de zitting zal plaatsvinden.

Auteur: Elisabetta Santangelo

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.